Welke PLB of AIS MOB past bij uw situatie?

Gaat u zeilen met bemanning, alleen de zee op of werken op het water? Het juiste persoonlijke noodbaken hangt af van wie u moet kunnen vinden. Uw eigen schip en boten in de buurt, professionele reddingsdiensten, of allebei.

Deze keuzehulp van Nemad Maritime Safety legt uit wat een PLB, AIS MOB en gecombineerd AIS-PLB-baken voor u kunnen betekenen.

Vraag advies over uw noodbaken

PLB of AIS MOB: wat is het verschil?

Een PLB (Personal Locator Beacon) verstuurt op 406 MHz een noodmelding via het Cospas-Sarsat-satellietsysteem naar de verantwoordelijke reddingsorganisatie. Een AIS MOB zendt lokaal een man-overboordmelding uit, zodat schepen met geschikte AIS-ontvangstapparatuur uw positie kunnen zien. Modellen met DSC kunnen daarnaast geschikte marifoons alarmeren.

Een gecombineerd AIS-PLB-baken biedt beide routes. Let dus op de aanwezige zendtechnieken: de algemene term “persoonlijk noodbaken" zegt nog niet wie uw noodmelding ontvangt.

TypeWie ontvangt de melding?Belangrijk bij uw keuze
406 MHz PLB zonder AISReddingsdiensten via satellieten en grondstationsGeen AIS-positie op de plotter van uw eigen boot
AIS MOB met DSCGeschikte AIS-ontvangers en DSC-marifoons binnen radiobereikGeen 406 MHz satellietalarmering
PLB met AISReddingsdiensten én AIS-uitgeruste schepen in de omgevingHeeft niet automatisch ook DSC

Bronnen: 3, 4, 5, 6.

Wat betekenen de afkortingen?

PLB — Personal Locator Beacon
Een persoonlijk noodbaken dat bij activering een noodmelding op 406 MHz via het Cospas-Sarsat-satellietsysteem verstuurt. Een PLB draagt u bij u. Niet iedere PLB heeft ook AIS of automatische activering.

AIS — Automatic Identification System
Een radiosysteem waarmee schepen onder meer hun identiteit en positie uitwisselen. Een AIS-noodbaken verstuurt een speciale melding waarmee geschikte AIS-apparatuur in de omgeving uw positie kan tonen. De ontvangst en alarmweergave hangen af van bereik, apparatuur en instellingen.

MOB — Man Overboard
De internationale afkorting voor ‘man overboord’. Een AIS MOB is een persoonlijk baken waarmee iemand in het water lokaal kan worden opgespoord. Het heeft niet automatisch een satellietverbinding.

DSC — Digital Selective Calling
Een systeem voor digitale oproepen via de marifoon. Een MOB-baken met DSC kan geschikte marifoons binnen radiobereik alarmeren. Welke marifoons worden opgeroepen, hangt af van het baken en de ingestelde alarmmodus. DSC is geen spraakverbinding.

VHF — Very High Frequency
De frequentieband die onder meer voor marifoonverkeer, AIS en maritieme DSC wordt gebruikt. Het bereik wordt sterk beïnvloed door antennehoogte en omstandigheden. Een baken vlak boven het water heeft doorgaans minder bereik dan een hoog geplaatste scheepsantenne.

MMSI — Maritime Mobile Service Identity
Een identificatienummer van negen cijfers voor maritieme radioapparatuur. Het MMSI-nummer van uw schip en de eigen identificatie van een MOB-baken zijn niet hetzelfde. Het invoeren van het scheeps-MMSI vervangt de fabrieksidentiteit van het baken niet.

GNSS en GPS — satellietplaatsbepaling
GNSS is de verzamelnaam voor satellietnavigatiesystemen, waaronder GPS en Galileo. De ontvanger in het baken bepaalt daarmee uw positie. De noodmelding wordt vervolgens via een ander systeem uitgezonden, bijvoorbeeld AIS of de 406 MHz-satellietverbinding.

Cospas-Sarsat — satellietsysteem voor noodmeldingen
Het internationale systeem dat noodsignalen van onder meer PLB’s en EPIRB’s ontvangt en via grondstations doorgeeft aan de verantwoordelijke reddingsorganisatie.

RLS — Return Link Service
Een terugmelding via Galileo die op geschikte bakens bevestigt dat de noodmelding is ontvangen en de locatie is bepaald. RLS bevestigt niet dat een reddingseenheid onderweg is en geeft geen aankomsttijd.

EPIRB — Emergency Position-Indicating Radio Beacon
Een satellietnoodbaken dat bij een schip hoort. Sommige uitvoeringen kunnen bij zinken automatisch vrijkomen en activeren. Een PLB is persoonsgebonden en vervangt een eventueel verplichte EPIRB niet.

121,5 MHz — peilsignaal voor de laatste zoekfase
Een radiosignaal waarmee reddingseenheden met geschikte peilapparatuur het baken kunnen lokaliseren. Het is op zichzelf geen wereldwijde satellietalarmering.

NFC — Near Field Communication
Een verbinding over zeer korte afstand. Bij geschikte bakens kunt u met een compatibele smartphone bijvoorbeeld testresultaten en batterijgegevens uitlezen. NFC verstuurt geen noodmelding.

Kies vanuit uw vaargebied en bemanning

Uw situatieLogisch vertrekpuntControleer ook
Zeilen of motorbootvaren met bemanning die kan terugkerenAIS MOB met DSC voor lokale alarmering; voeg satellietalarmering toe voor extra dekkingAIS-weergave, hoorbare alarmen en oefen de Man Over Boord procedure
Solo varen of kleine bemanning op zee406 MHz PLB, bij voorkeur met AIS voor aanvullende lokale vindbaarheidWie kan u daadwerkelijk uit het water halen als uw boot doorvaart?
Oversteken en afgelegen vaargebiedenSatellietalarmering op de persoon, aangevuld met AISDe EPIRB en overige nooduitrusting van het schip blijven afzonderlijke voorzieningen
Kajakken, vissen of andere watersport zonder eigen AIS-ontvangerEen draagbare PLB als satellietalarm; AIS als aanvulling waar scheepvaart aanwezig isBereikbaarheid met koude handen, bevestiging en bediening in het water
Professioneel werken op of bij waterEen baken dat aansluit op uw reddingsplan en de apparatuur van de hulpverlenersVestcompatibiliteit, activering en eventuele aanvullende eisen zoals ATEX

Dit zijn uitgangspunten voor de keuze, geen garantie op redding. Een baken helpt bij alarmeren en lokaliseren. Een passend reddingsvest met harnas, een zekeringslijn, het voorkomen van overboord vallen en een uitvoerbare en getrainde Man Over Boord procedure blijven essentieel.

Keuzeadvies afgeleid van de technische functies, geen universele productranglijst. Bronnen: 3 - 8.

Actuele modellen en hun belangrijkste verschillen

Deze voorbeelden laten zien welke functies u kunt combineren. Bespreek beschikbaarheid, landcodering en geschiktheid voor uw reddingsvest voordat u bestelt.

ModelAlarmering en lokalisatiePraktisch onderscheid
Ocean Signal rescueME PLB1406 MHz + 121,5 MHz peilsignaal; geen AIS of RLSHandmatige activering; 116 g; batterijinterval 7 jaar; meer dan 24 uur werking bij −20 °C
Ocean Signal rescueME MOB2AIS + DSC; Class M; geen satellietalarm92 g; activering via een correct gemonteerd en gewapend opblaasvest of handmatig; batterij 5 jaar; 24 uur bij −20 °C
Ocean Signal rescueME PLB3406 MHz + AIS + 121,5 MHz; RLS; geen DSC190 g; handmatig of semi-automatisch via een compatibel vest; meer dan 24 uur bij −20 °C; niet zelfstandig drijvend
ACR ResQLink AIS (PLB-450)406 MHz + AIS + 121,5 MHz; RLS; geen DSC190 g; meer dan 24 uur werking; handmatig of via vestinflatie; drijfhoes apart
Ocean Signal safeSEA M200AIS + DSC + 121,5 MHz; Class MHet peilsignaal helpt uitgeruste reddingsteams bij het zoeken; dit is geen 406 MHz PLB
Weatherdock easy2-MOBAIS + DSC; Class MDrijvend; automatische activering bij watercontact indien gewapend; Bluetooth-configuratie

Voor PLB3 en ResQLink AIS geldt batterijvervanging na uiterlijk 6 jaar vanaf productie of 5 jaar na ingebruikname, afhankelijk van wat eerder komt. Na noodactivering geldt eveneens de vervangingsinstructie van de fabrikant. De opgegeven werkingsduur is geen reddingstijd.

Specificaties gebaseerd op fabrikantgegevens, geen onafhankelijke prestatietest. Bronnen per model: 3 - 8; PLB3 batterij/werking: 14. easy2-MOB-werktijden niet vergeleken wegens uiteenlopende specificaties en testcondities.

Vier punten die bij aankoop vaak worden vergeten

1. Automatisch betekent niet altijd watergeactiveerd

Sommige bakens starten door het opblazen van het vest; andere door watercontact. Dit vereist de juiste montage en gewapende stand. Controleer de combinatie van baken en exact vestmodel en volg beide handleidingen.

2. Waterdicht is niet hetzelfde als drijvend

Een drijfhoes kan verlies voorkomen, maar maakt een baken niet automatisch geschikt om vrij drijvend uit te zenden. Bevestig het volgens de handleiding aan de drager of het vest. Houd antenne en satellietontvangst vrij en boven water zoals voorgeschreven.

3. AIS-bereik is geen vaste afstand

Golven, antennehoogte en ontvangstopstelling beïnvloeden het bereik. Controleer ook of uw plotter het MOB-doel herkenbaar toont en of de alarmen daadwerkelijk hoorbaar zijn. Een ontvangen positie en een opgemerkt alarm zijn twee verschillende zaken.

4. Een bevestiging is geen aankomsttijd

Return Link Service (RLS) bevestigt ontvangst van het satellietalarm en bepaling van de locatie. Het bevestigt niet dat een reddingsboot of helikopter al onderweg is. NFC en Bluetooth dienen voor controle en configuratie; uw telefoon is niet de satellietzender van het baken.

Montage en alarmgedrag zijn modelafhankelijk. Bronnen: 6, 8, 9, 13.

Past het baken in uw reddingsvest?

De PLB3 weegt 190 gram en meet volgens de snelstartgids 200 × 36 × 22 mm. Controleer de beschikbare ruimte, het draagcomfort en de vrije ontplooiing van vest en antenne. De aanduiding 150N of 165N alleen zegt onvoldoende over de pasvorm.

Uiteenlopende praktijkervaringen: Yachting World vond de PLB3 krap in een Spinlock Vito en merkte extra stijfheid aan één kant. PBO kreeg hem met enige moeite in Crewsaver- en TeamO-vesten. PBO wees ook op de lastige interpretatie van ledpatronen. Dit zijn ervaringen met bepaalde combinaties, geen conclusie dat elk compact vest ongeschikt is.

Laat de combinatie controleren volgens de instructies van beide fabrikanten. Leer vooraf de activering en statusindicaties kennen en oefen de bediening zonder een echt noodalarm uit te zenden.

Afmetingen en gerapporteerde ervaringen; pasvorm zijn modelafhankelijk. Wisselende reviews. Bronnen: 14, 26, 27.

ResQLink AIS en ResQLink View zijn verschillende modellen

De ResQLink AIS (PLB-450) heeft AIS en RLS, maar geen tekstdisplay en geen ingebouwd drijfvermogen. De ResQLink View (PLB-425) heeft juist een display en ingebouwd drijfvermogen, maar geen AIS. De View RLS is weer een aparte uitvoering. Specificaties en reviewconclusies worden vaak verward tussen deze modellen.

Het display kan status en GPS-coördinaten leesbaarder maken. Drijfvermogen betekent echter niet dat een baken zonder aandacht voor antennepositie kan werken. Volg de modelspecifieke plaatsingsinstructies.

Fabrikantspecificaties: 5, 28. De HikingGuy-review van de View (30) is geen test van de PLB-450.

Zelf een PLB of reddingsvestlicht toevoegen: keuze en verantwoordelijkheid

Een consument heeft het recht voor een eigen reddingsvest een extra PLB, AIS MOB of reddingsvestlicht te kiezen. Niet opgenomen in de oorspronkelijke typegoedkeuring van de fabrikant betekent niet automatisch dat een toegevoegd accessoire wettelijk gezien niet in die combinatie is toegestaan en altijd verwijderd moet worden. Het betekent dat deze combinatie niet is getest door de fabrikant. Dit is onze uitleg van de productregels voor particulier gebruik, maar betekent geen onbeperkt recht om iedere combinatie te gebruiken of door ieder servicestation te laten accepteren.

Kies zoveel mogelijk voor een reddingsvest model met een door u gewenst geintegreerde PLB en/of reddingsvestlicht combinatie met een typegoedkeuring van de farbikant voor de combinatie. U heeft dan de zekerheid dat de combinatie is getest en conform de normering is goedgekeurd en de fabrikant hier achter staat.

Wanneer u hiervan afwijkt dan draagt de eigenaar zelf verantwoordelijkheid voor de gekozen toevoeging en veilige toepassing. De oorspronkelijke typegoedkeuring dekt een gewijzigde combinatie niet automatisch. Raadpleeg de instructies van zowel het reddingsvest en het accessoire en controleer, of laat door ons controleren of het toegevoegde accessoire op de voorgeschreven wijze kan worden gemonteerd en de veilige werking van het reddingsvest niet belemmerd.

Kan een keuringsstation het accessoire laten zitten?

Behoud kan mogelijk zijn wanneer een deskundig station voldoende kan onderbouwen dat de combinatie veilig functioneert en de toepasselijke service-, norm- en gebruikseisen dit toelaten. Alleen vaststellen dat het accessoire zichtbaar niet in de weg zit, is onvoldoende. Een keuring vraagt om beoordeling en vastlegging van:

  • merk, model, montageplaats en bevestiging van het accessoire;
  • vrij uitvouwen en opblazen, bereikbare bediening en afwezigheid van schuur- of beschadigingsrisico voor de luchtkamer;
  • invloed op pasvorm, drijfhouding en keren in het water, plus bereikbaarheid, activering en antennepositie van het baken;
  • gebruikte instructies, controles, eventuele tests en grenzen van de beoordeling.

Een servicecontrole verleent geen nieuwe typegoedkeuring. 

Maak vooraf afspraken over service en accessoires

Een fabrikantgebonden servicestation kan de toegelaten configuratie als voorwaarde voor zijn service hanteren. Ze kunnen stellen dat de toevoeging niet is getest overeenkomstig de typegoedkeuring van het product, dat door de toevoeging de garantievoorwaarden worden geschonden en daarom uw accessoire verwijderen. In geval van een incident en afwijzing van aansprakelijkheid op basis van de aanwezigheid van een niet goedgekeurd accessoire zullen zij ook moeten aantonen dat er een direct oorzakelijk verband is tussen de toevoeging en het functioneren van het reddingsvest. De praktijk ligt dus genuanceerder.

Dat is iets anders dan een algemeen wettelijk verbod op het toevoegen van accesoires door consumenten. Bespreek daarom voor inlevering of uw accessoire kan blijven zitten en spreek af dat eventuele verwijdering vooraf met u wordt afgestemd.

Laat uw vest en gewenste accessoire voor aankoop samen beoordelen. 

Voorwaardelijke juridische en technische uitleg; geen algemene goedkeuring van niet-geteste combinaties. Bronnen: 31-34. 

Registratie, vergunning en certificaten in Nederland en België

Een registratie van het baken, een vergunning voor radioapparatuur en een bedieningscertificaat zijn verschillende zaken. Ook het land van registratie en de vlag van het schip zijn relevant: alleen varen in Belgische of Nederlandse wateren bepaalt niet automatisch welke registratieprocedure op u van toepassing is.

BakenNederlandBelgië
406 MHz PLB, bijvoorbeeld PLB1Eigen PLB-vergunning bij de RDI; Nederlandse landcode 244, 245 of 246. Geen bedieningscertificaat voor de PLB vereist.BIPT verwijst naar registratie via 406registration.com; niet toevoegen als PLB aan de stationsvergunning van het schip.
AIS MOB, ook modellen met DSC zoals MOB2Volgens de KNRM is AIS-MOB-registratie niet verplicht, maar wel mogelijk en geadviseerd onder categorie MOB in de maritieme registratie. Zie de toelichting over Class M hieronder.BIPT schrijft voor dat een MOB-systeem wordt opgenomen in de aanvraag voor een stationsvergunning. Die FAQ maakt geen uitzondering voor modellen zonder DSC.
PLB met AIS, bijvoorbeeld PLB3 of ResQLink AISPLB-vergunning. Deze modellen hebben geen DSC: een aanvullende DSC-registratie volgt dus niet uit hun functies.Volg de PLB-registratieroute; laat BIPT voor het gecombineerde model bevestigen of de AIS-functie aanvullende vermelding vraagt.

Kosten en geldige registratie

De RDI rekent in 2026 voor een PLB-vergunning €50 voor de verlening en €50 per jaar. Bij extra eenheden kunnen aanvullende kosten gelden. Dit zijn overheidskosten, geen satellietabonnement. Houd contactpersonen en bakenidentificatie actueel.

Welk bedieningscertificaat hoort bij DSC?

Voor de DSC-functie van een Nederlandse DSC-marifoon vermeldt de RDI minimaal Marcom-B. Het certificatenoverzicht onderscheidt DSC klasse C van de overige klassen; “voor alle DSC is het Basiscertificaat voldoende” is dus onjuist. Voor een Belgische klasse D DSC-marifoon noemt BIPT het SRC; een gewoon VHF-certificaat is daarvoor niet voldoende.

Deze marifoonregels bewijzen op zichzelf niet welke certificaateis geldt voor iedere drager van een persoonlijk Class M-baken. Laat RDI of BIPT voor aanschaf bevestigen wat voor uw baken en gebruik geldt. Voor Class M is ook de Nederlandse registratieplicht hier niet rechtstreeks aan een expliciete RDI-publicatie getoetst; de genoemde registratieaanbeveling is afkomstig van de KNRM.

Bronnen: 10, 11, 20-25, 29. Geen algemene vrijstelling afleiden uit het ontbreken van DSC.

MMSI programmeren: bakenidentiteit en scheepsnummer zijn niet hetzelfde

De MOB2 heeft een vaste, door de fabrikant geprogrammeerde identiteit die met 972 begint. Dat is geen Belgische landcode en wordt niet vervangen door het MMSI-nummer van uw boot. Volgens de handleiding staat de MOB2 standaard op DSC open loop: alarmering van alle geschikte stations binnen bereik. Het scheeps-MMSI wordt aanbevolen voor testen en is nodig bij het instellen van gerichte closed-loop-alarmering. Controleer de configuratie van uw uitvoering.

Bron: MOB2-handleiding, versie 01.05, §3.3.

Veelgestelde vragen over persoonlijke noodbakens

Waarschuwt een AIS MOB altijd de Kustwacht?

Het heeft geen 406 MHz satellietverbinding. Een lokale melding kan door schepen of geschikte kuststations worden ontvangen en doorgegeven. Reken niet op dezelfde wereldwijde alarmroute als bij een PLB.

Vervangt mijn PLB de EPIRB van het schip?

Nee. De PLB draagt u bij u; de EPIRB hoort bij de uitrusting van het schip. Een persoonlijke PLB neemt een toepasselijke EPIRB-verplichting niet over.

Moet ik wachten op RLS voordat ik iets anders doe?

Nee. Volg de noodprocedure en de handleiding van uw baken. RLS geeft geen verwachte aankomsttijd en is geen spraakverbinding.

Hoe controleer ik mijn baken?

Gebruik uitsluitend de voorgeschreven testfunctie en intervallen uit de gebruikshandleiding van uw PLB of AIS MOB. Controleer batterijvervaldatum, bevestiging, activering en registratiegegevens. Een echte noodactivering is geen oefentest. Meld een onbedoeld alarm onmiddellijk bij de Kustwacht.

Een gewone zelftest en een GPS/GNSS-test zijn niet hetzelfde. ACR noemt voor de ResQLink View een maandelijkse zelftest; GPS-tests verbruiken meer energie en zijn beperkt in aantal. Neem “één keer per jaar testen” daarom niet over als algemene regel voor alle tests of modellen.

Bronnen: 6, 9, 10, 13 - ACR ResQLink View

Past ieder MOB-baken in elk reddingsvest?

Nee. Alleen voldoende ruimte hebben is niet genoeg. Het baken moet volgens de montagevoorschriften van de fabrikant kunnen worden bevestigd, de activatie en opblazen van van het reddingsvest niet belemmeren en bij het opblazen van het reddingsvest correct blijven functioneren.

Grotere bakens, zoals de sMRT AU10 en bepaalde Weatherdock easyRESCUE-PRO-uitvoeringen, vragen bij geïntegreerde montage een daarvoor bestemde houder, bevestigingsset of vestvak. Los tussen de luchtkamer en buitenhoes plaatsen kan ertoe leiden dat het baken bij het opblazen losraakt. De AU10 drijft bovendien niet zelfstandig dus bij activering van het reddingsvest kan deze zinken wanneer hij niet correct is bevestigd! De Weatherdock easyRESCUE-PRO-modellen drijven zelfstandig, maar kunnen bij verlies van de verbinding met de drager wegdrijven. Correcte bevestiging blijft daarom noodzakelijk.

Laat daarom vóór montage of bij de keuring controleren of het exacte reddingsvestmodel, het baken en de bevestiging bij elkaar passen. Kan het baken onbedoeld losraken of wordt de werking belemmerd? Gebruik de combinatie dan pas nadat de montage is hersteld en gecontroleerd.